Wijn uitspugen is doodzonde

0
197

De herfst staat weer voor de deur en dat is ook het startsein voor talrijke wijnproeverijen. Op het gevaar af dat ik nu alle wijnpuristen tegen me in het harnas jaag, poneer ik hier de volgende stelling: het uitspugen van wijn tijdens wijnproeverijen is doodzonde en een verschrikkelijke verspilling van de druiven, die Moeder Natuur ons sinds mensenheugenis in zoveel goddelijke varianten schenkt.

Wanneer je tijdens zo’n verrukkelijke proeverij de wijn eerst goed heb rond gewalst in het glas, vervolgens je neus diep in het glas hebt gestoken om het bedwelmende bouquet op te snuiven, vervolgens een slokje in de mondholte volledig tot zijn recht hebt laten komen  door het te mengen met zuurstof  – het bekende slurpen – , dan zou je vervolgens dit unieke druivensap moeten uitspugen in zo’n akelige kotsbak van kil aluminium?

In vino veritas: via wijn kom je dichterbij de waarheid…

Ik dacht het niet. Bij de tandarts heeft zo’n kotsbakje een duidelijke functie, maar niet bij een eersteklas wijnproeverij. Het hoogtepunt van een wijndegustatie is toch dat je het geestrijke vocht via je slokdarm langzaam naar je ingewanden voelt glijden, al dan niet gevolgd door het uiten van enkele bloemrijke kwalificaties, waarin de lof wordt gezongen over de genuttigde wijn. Tegelijk kom je met het nuttigen van een wijnslokje een stukje dichter bij het aloude adagium: in vino veritas, oftewel vrij vertaald: via wijn kom je dichterbij de waarheid. En wie wil dat nou niet?

En zelfs als je door het nuttigen van het geestrijke vocht niet dichterbij de waarheid zou komen, hetgeen eerst nog proefondervindelijk bewezen moet worden, oftewel zoals de oude Romeinen zouden zeggen: Quod erat demonstrandum (afgekort: QED), dan kom je in ieder geval in een uiterst aangename gemoedstoestand, soms ook wel omschreven als zen. Niet voor niets is er geen enkele andere drank, die zo verbroedert. Ik blijf erbij: indien er meer wijn zou worden gedronken, zouden er minder oorlogen, misdrijven en aanslagen zijn.

De BOB is bij voorkeur geen wijnliefhebber.

Ja maar, geachte scribent, ik spuug al dat geestrijke vocht juist uit, omdat ik straks ook nog met de auto terug naar huis moet en ik mijn leven niet miserabel wil eindigen in een hoop schroot rondom de bast van een knoestige boom. Daarvoor hebben we dus de BOB (de Bewust Onbeschonken Bestuurder) uitgevonden. Bij voorkeur geen wijnliefhebber, dus iemand die helemaal niets moet hebben van de heerlijke geneugtes, die zijn verbonden aan het nuttigen van wijn.

Enfin, er is dus geen enkele plausibele reden aan te voeren waarom u op de volgende wijnproeverij het geestrijke druivensap nog zou moeten uitspugen. Ook niet omdat het zo gedistingeerd en werelds staat. Niets is zo treurig als een medemens al spugend boven zo’n spuugbak te zien hangen. Je zou er zelf spontaan braakneigingen van krijgen.

Spugen is voor professionals.

De enige uitzondering, die ik hier willen maken is voor professionele wijnproevers. Wanneer je uit hoofde van je beroep, bijvoorbeeld als sommelier, wijninkoper, vinoloog of oenoloog wijn proeft, mag je de wijn die je in je mond hebt laten rondwalsen, uitspugen in de daarvoor bestemde spuugbak. Dus voor de Hubrecht Duijkers, Harold Hamersma’s en Robert Parkers onder ons. Ik spuug zelf alleen een wijn uit die niet te zuipen is. En gelukkig worden er daarvan steeds minder geproduceerd. Mijn motto is: een dag zonder wijn is een dag niet geleefd. En daar hoort goed preuve nadrukkelijk bij.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here